• Deutsch
  • English
  • Français
  • Nederlands
H - lamotteLLR - startpagina 2009
... Hartje Haspengouw

Geschiedenis van het fruit in de regio Sint-Truiden

fruitvrouwDe commerciële fruitteelt, zoals we die hier vandaag kennen, is een relatief recent fenomeen en kwam op gang inde tweede helft van de 19de eeuw.
Nochtans werd hier sedert eeuwen fruit geteeld. Het was een aanvulling op de traditionele landbouw en de oogst diende vooral voor eigen gebruik. Overschotten verkocht men op de wekelijkse markt.

De bomen vroegen weinig verzorging, het fruit werd niet gesorteerd, er waren geen uitgedokterde methodes voor de pluk, het bewaren of sorteren.

Bij de grootgrondbezitters, die eigenaar waren van hoeven en boerderijen was het anders : zij waren amateurs in de goede zin van het woord en zij beoefenden de fruitteelt als een tijdverdrijf, een hobby.

Vanaf de helft van de 19de eeuw kwamen opkopers uit Engeland. Zij verstuurden het fruit per schip. Door deze, zij het beperkte uitvoer, trof men maatregelen om het boomgaardenbestand te vergroten, de wetenschappelijke kennis rond fruitteelt te verspreiden.
Om de kennis tot bij de gewone man te brengen werden aan lagere scholen ‘leertuinen’ uitgebouwd. Dit evolueerde zelfs tot ‘tweedekansonderwijs’ avant la lettre: op zondag werden de mensen onderwezen over verzorging, speciale eigenschappen van vruchtenbomen, presentatie van het fruit. Deze lessen werden gretig gevolgd.

appelsHet bomenbestand groeide geleidelijk aan, vooral in Sint-Truiden en Borgloon, en wel in die mate dat bij de kwekerijen de vraag het aanbod oversteeg.

Voortaan werden de boomgaarden verzorgd en bemest. De export nam toe en er ontstonden nevenactiviteiten, o.a. de mandenvlechterij.
Het fruit werd in manden verstuurd. Dit mandenvlechten was voor vele gezinnen een vaste bron van inkomsten.
Eind 19de eeuw werd vanuit Amerika goedkoop graan ingevoerd. Door deze concurrentie gingen de boeren aan hun gronden andere bestemmingen geven en kwamen zo tot de eerste commerciële fruitaanplantingen. Behalve voor het telen van fruit, gebruikten de boeren de boomgaarden ook om hun vee tussen de bomen te laten grazen.

Fruit werd nu meer geëxporteerd via de spoorweg. Aanvankelijk werden de goederen zo maar op spoorwagons gestort, later ging men beter sorteren en verpakken. Een aantal nevenbedrijfjes waren andermaal het resultaat : schrijnwerkerijen en kistenfabriekjes die volop draaiden in de oogsttijd.

Vanaf 1920 kreeg men andere katten te geselen : fruit werd ingevoerd vanuit Amerika. Exotische vruchten, zoals bananen, werden geïntroduceerd. Bovendien gingen meerdere landen een protectionistische politiek voeren, waardoor het vinden van afzetgebieden een probleem werd.

BloesemfeestenMaar Sint-Truiden bleef niet bij de pakken zitten en deed al het mogelijke om de fruitteelt nieuw leven in te blazen.
De broeders van de christelijke scholen startten een tuinbouwschool.

In 1936 werd de eerst laagstamplantage aangelegd. De productiviteit bij laagstam is veel hoger dan bij hoogstam.
Zonder overdrijven kunnen we stellen dat de fruitteelt door de opkomst van de laagstam, vooral in de jaren zestig van de vorige eeuw, een gespecialiseerde sector geworden is. Anderzijds denken velen met heimwee terug aan de intussen schaars geworden hoogstamweiden. Het uitzicht van de streek is met de komst van de laagstamplantages ingrijpend veranderd.

In 1943 werd het opzoekingsstation van Gorsem opgericht. Dit instituut slaat een brug tussen wetenschap en praktijk en begeleidt de fruittelers bij de modernisering van de productiemethoden, daarbij gebruik makend van ‘geïntegreerde’ bestrijdingstechnieken.
Vooral de voorbije jaren is de fruitsector erg expansief: de bedrijfsoppervlakten vergroten, men besteedt zeer veel aandacht aan milieuvriendelijke teeltwijzen, plukmateriaal wordt gemoderniseerd.
Voor de bewaring van het fruit schakelt men over op de ULO-techniek (koeling onder laag zuurstofgehalte). Deze koelinstallaties mogen worden gerekend tot de beste in Europa. Op technologisch vlak behoren de Haspengouwse telers bij de Europese top.

kersenEen teelt die naast de hardfruitsector sterk tot bloei gekomen is in de laatste 30 jaar is de aardbeienteelt. Vroeger was deze teelt meer een gelegenheidsteelt met zeer kleine oppervlakten. Dankzij het nieuwe ras, Elsanta, en de modernisering van de productiemethoden, ontstonden er in de streek rond Sint-Truiden professionele bedrijven, waardoor de kwaliteit sterk verbeterde. Hierdoor werd de aardbei het belangrijkste product na de hardfruitteelt. Dankzij de nieuwe productiemethoden kunnen aardbeien gedurende een langere periode aangeboden worden. Goede exportmogelijkheden zorgen ervoor dat aardbeien van België in gans Europa zeer gegeerd zijn.

In 1952 werd voor het eerst een ‘plechtige bloesemwijding' georganiseerd. Waar het aanvankelijk een religieus bloesemfeest was, is het intussen uitgegroeid tot een gigantisch feest, zowel voor de Truienaren als voor de toeristen.

In 2008 legt de VRT-serie 'Katarakt' de nadruk op de hoogtechnologische fruitsector in en rond Sint-Truiden.

Bookmark and Share